dinsdag 20 november 2007

Remco Campert tegen de muur

Remco Campert is terug :-) De naam van zijn eerste boek viel recent op Maartens blog, Remco's quote stuiterde vervolgens over deze blog, waar Charlotte dan weer op inpikte (en niet zonder reactie, klik maar eens door). Het geeft de indruk dat Remco terug hot is... Dat we die indruk enkel bekwamen door het zonet geschetste microklimaat te monsteren, doet niet af aan de geloofwaardigheid van de stelling :p

Onderstaande prentjes zijn getrokken op de Kantienberg in Gent, hier om precies te zijn.

Wandel je er voortaan niet stilletjes voorbij? En dan die vraag aan een ander stellen.


zondag 11 november 2007

Boekenbeurs!

Boekenbeurs! Gisteren, zaterdag 10 november gingen Ruben, Liesbeth en ik erheen. Enkele impressies van een memorabel bezoek —mijn eerste, niet mijn laatste.

Mijn rugzak genoot het voorrecht om bij het binnengaan geen argwaan te wekken. Niet dat er iets mis mee was hoor, een blikken doos laten signeren moet kunnen...

...zo oordeelde ook Tom Lanoye himself :-) (met dank aan Barbara).

Dus daar was al één snood plannetje ten uitvoer gebracht. Poëtische neigingen in acht genomen, kon ook een bezoekje aan de stand van het Poëziecentrum niet ontbreken.

Een korte tussenstop aan Creatief Schrijven leverde dan weer het volgende kiekje op.

Verder was er nog een daad die met voorbedachte rade voltrokken is: de aanschaf van Verzamel de liefde, dichtbundel geschreven èn gesigneerd door Bart Moeyaert. Vierentwintig uur verder, waag ik het trouwens de bewuste bundel aan te bevelen. (Wat een eenvoud! Dat siert.)

En dan was er ook de sfeer zelf: de boekenbeurs troont boeken. De gretige leesbereidheid van de gegadigden werkt haast aandoenlijk, getuige bijvoorbeeld onderstaande foto, afdeling prentenboeken.

Hèt brandpunt van de namiddag was voor mij een ontmoeting en kort gesprek met Carll Cneut, illustrator van menig (prenten)boek bij uitgeverij De Eenhoorn. Hieronder een staaltje van zijn werk, uit het prentenboek Meneer Ferdinand.

Na aankoop van een prent uit dit boek (andere dan hier afgebeeld) kregen we een dedicatie van een man met voelbaar engagement voor zijn werk. Het heeft geen zin om het gesprek hier woord voor woord te reproduceren (het zou niet spreken), maar iets maakte het anders dan alle andere praatjes: Carll benaderde ons op dezelfde voet als wij hem, juist omdat we prenten in prentenboeken even serieus nemen als hem. Een gesprek in die sfeer beklijft, bewijst het nut van evenementen met dit opzet: voor één keer de afstand tussen artiest en lezer tot nul herleiden.

vrijdag 9 november 2007

Connie Palmen in De Paarse Zetel

Gisteren, donderdag 8 november, was schrijfster Connie Palmen gezeten in De Paarse Zetel van de Stadsbibliotheek Gent Zuid. De opkomst was groot (zaal zat vol tien minuten voor aanvang), en de drie kwartier aan interview (half één tot kwart na één) waren een lust voor het oor.

Connie Palmen is filosofe van huis uit. Als schrijfster is ze zeer begaan met de dualiteit waarheid vs. werkelijkheid, en dan vooral met de onttroning van de eerste —immers, niets is waar. Alle verhalen zijn slechts één visie van de werkelijkheid, en kunnen nooit 'de waarheid' opleveren, want die bestaat niet. Als filosofe heeft ze een gezonde, stimulerende haat voor die bekende heertjes, Sokrates en Plato. Als vrouw is ze de geestelijke moeder van haar boeken. Als mens is ze, op het eerste zicht, heel sympathiek.

Maar dat is slechts mijn versie van de werkelijkheid. Een meer visuele (maar spijtig genoeg ook lo-fi-) versie van de feiten, krijg je in de montage van vijf flarden hieronder.

Achtereenvolgens,
  1. gelukkig wie binnen mag,
  2. het geluk is dat ik elke dag kan doen wat ik het liefste doe,
  3. werkelijkheid vs. waarheid thuis,
  4. vrouwen en grappen met een filosofe van huis uit
  5. voorlezen van een fragment uit haar recentste roman, Lucifer.
...veel luistergenot.


donderdag 8 november 2007

Soetendaelle 2007

Soetendaelle 2007 komt eraan! Op zaterdag 24 november is het zover en treden de oudsten in Merchtem aan, van 19h tot 21h. Ik stuurde net als vorig jaar een lading verzinsels in, en liet me bovendien beladen met de niet onaangename opdracht om de verzen van leeftijdsgroep L te jureren (haha mysterieus maar zo heet dat).

De combinatie maakt dat ik niet langer kan schrijven met een onafhankelijke pen: al wat ik schrijf, tweezijdig, dus laat ons elke zijde vatten in één zin.
  • Jureren was een prachtmismeestering van mijn wereldbeeld: zien hoe het minste cliché of de minste schrijffout menig goed vers doorspiesde, wurgde of verdronk, tot enkel overbleef wat goed bleef smaken voorbij de afdronk (selectie heet dat).
  • Schrijven, ja dat blijft gewoon beklijven.
Mijn vangst omvat drie dichtsels, elk goed voor een derde prijs volwassenenjury, en includeert het hier afspeelbare gedicht, getiteld Gedicht.



Hogerop in de ranking is er meer, treffen we over iets meer dan twee weken nog enkele bekenden (het web doet wonderen). Ik vermeld in het bijzonder Annelies met As, en Maarten met strand en passe partout. Dit laatste schrijfsel staat trouwens te blinken in de Top of Poetry Pops in de rechterkolom, tussen werk van al dan niet jonge, stokoude of morsdode meesters. Want niet de schoolboeken of de biografieën maar de woorden zelf verdienen het laatste woord.

Uit een Mail aan Frédéric Leroy

Het is altijd een verademing om dichtende medemensen te kennen en af en toe eens te mailen. Echt tof wordt het, als je hun werk bovendien in de meest objectieve zin weet te appreciëren. Dat overkomt me met Frédéric Leroy, aan wie ik vroeger al een post wijdde. De exhibitionistische aard van het medium blog getrouw, plak ik hier een fragment uit de mail die ik hem zonet stuurde.
[...] zet aan om een oude belofte in te lossen: ik ging je nog eens laten weten wat ik van je bundel Gedichten vind.

In één woord: super.

In drie favoriete gedichten: Schoolplein, Delver en Dodenmars.

In enkele zinnen: ik vind het een hele prestatie dat je spontane en aantrekkelijke poëzie weet te schrijven met zulk een breed arsenaal aan woorden. Het eerste (spontaan en aantrekkelijk) is uiteraard een poëtisch doel op zich, terwijl het laatste garandeert dat je blijft verbazen.

Met het 'breed arsenaal' doel ik in de eerste plaats op de verrassende samenklank van woorden, in de tweede plaats op het gebruik van exotische woorden. In Dodenmars schrijf je bijvoorbeeld: "gooi de luiken open," en even verder, "ga niet na of kruimels door harpijen worden opgepikt." De luiken opengooien is een alledaagse en heldere daad, terwijl het verliezen van kruimels aan gevleugelde dieren (hetzij duiven hetzij harpijen) ons ineens onderdompelt in een duister onderbewustzijn, waar we vooral niet willen nadenken over de vraag of we bestolen worden door boze heksen (maar het toch doen). Ook verderop in dit gedicht, een fascinerend contrast.

Dit kortstondige neerschrijven van mijn aanvoelen is nu niet bepaald de naam bespreking waard, maar het weerspiegelt wel wat ik ervan vond!

Frédéric heeft één van de vermelde favorieten publiek gezet, en ik verwijs jullie dus graag door naar zijn blog voor Schoolplein. En —eer wie eer toekomt— ik heb hem ook toegevoegd in de rechterkolom, bij de Top of Poetry Pops, een organisch groeiend lijstje van mijn favoriete gedichten online.