zondag 23 maart 2008

Interview Maarten Inghels

Een interview met Maarten Inghels bij Meander. Fris leesvoer...

woensdag 19 maart 2008

Bij de dood van Hugo Claus

Talent staakt het flirten
en trouwt in het zwart.
Kiest een zaal en een datum,
loopt nog langs bij de kapper
want netjes ligt mooi.

Verwittigt zijn naasten,
verduistert zijn angst
en probeert in de tijd
die zich uitstrekt ertussen
vooral niet te sterven.

Nee dood, kom nog niet
tot de dichter
want Claus komt naar jou.

woensdag 30 januari 2008

Everaert

Het is geen poëzie maar het is wel Gent, dus meld ik het even. Zondag sloot daar ineens mijn favoriete bakker! Met overschot voldoende reden om met hem te gaan praten, kiekjes te maken, en vervolgens in de pen te kruipen. Dankzij een vriendschappelijke tussenkomst van makker Vincent, meteen een post op Gentblogt waardig bevonden, mijn eerste. Wat op zijn beurt aanleiding gaf tot een foto van eigen hand, in de regionale pagina's van de Gentenaar. Twee keer, een eer.

dinsdag 22 januari 2008

Witte Kamer

Lege witte kamer met daarin
één enkel bed voor twee.
“Letto matrimoniale”,
heet dat in ’t Italiaans,
al zijn vertalingen als dit
alsnog voorbarig.

En toch. Dit is jouw huis.
Ben ik alsnog slechts gast,
toch neem ik al de leegte op
en broed ze uit. De grondlaag
over onze stappen heen
is milder dan het doek
van schemering, of sneeuw zou zijn.
Hier hoeft nieuwsgierigheid
geen graven. Geen druk behangpapier
legt onderhuids verveling bloot.
Hier moet geen spiegel
restitutie zijn van voetlicht
aan een figurant.

In witte kamers spelen moeiteloos
de dingen rol. De voorgrond
die ons bed betrad
is breder dan dit podium,
het is genoeg voor
een visioen van onze zomer die de kamer zal

Gedicht uit de oude doos met een open einde... het verscheen eerder in de bundel van de Prijzen van Meise 2006 (Jules Van Campenhout, 26 maart 2006), en was verder goed voor mijn eerste poëtische publicatie.
Wat een verademing was het, enkele weken terug, om een hele cyclus gedichten in deze sfeer aan te treffen bij Gerrit Kouwenaar, in zijn bundel Totaal Witte Kamer (2002). 

zondag 13 januari 2008

Slakken

Slakken, hoe halen ze het
in hun huis zo nat te zijn.

Zo kwal, zo vadsig, en
nooit eens happig naar hun tijd.
Eén akker dwarsen kost hen al
gemakkelijk een leven koest.
En dan zetten ze niet eens
iemand betaald. Ze zijn gewoon
te traag, en blijven slijm,
niet eens karkas om ooit eens
terug te keren tot stof en as.

Als een lijfspreuk zich mag bestialiseren,
dan is de mijne: nooit slak te zijn.

Dit gedicht verscheen eerder in KOSMOSE, 1 januari 2008.